|
Eerlijk
Terwijl ik aan de gang ga, ligt hij nog wat na te sputteren: “Die kleintjes is niks mis mee. Af en toe zelfs leuk voetbal, maar die ouders….!!” Ik maak wat meelevende opmerkingen en verklaar langs mijn neus weg dat ouders inderdaad soms minstens zo irritant zijn als pubers… Hij grinnikt wat en verklaart dat hij zo’n soort opmerking van mij wel had verwacht. Ondertussen heb ik écht met hem te doen. Je zal als 15/16-jarige maar zo gek zijn om op zaterdag voor dag en douw je bed uit te komen om een wedstrijd van E-tjes of F-jes te fluiten. Hartstikke leuk, die kleintjes. Grappig om ze te zien krioelen, soms lijkt er zelfs even lijn in te komen. Vreselijk sportief en groot ontzag voor de scheidsrechter. Niets mis mee, zou je zeggen. Maar dan die ouders. Zou het te maken hebben met de bekende projectietheorie: pa heeft het indertijd niet erg ver geschopt en investeert nu al zijn hoop in zoonlief, die het helemaal moet gaan maken? Of is het eenvoudiger: ouders die het niet kunnen laten zich er mee te bemoeien. Want hún kroost mag toch niet teleurgesteld worden. En dat ze en passant de scheidsrechter voor de voeten lopen of zelfs regelrecht schofferen, redeneren ze weg met hun grote rechtvaardigheidsgevoel. En het resultaat ervan ligt dus nu bij mij op de bank, met het stellige voornemen: laat ze zélf maar fluiten, ik heb het gehád. Voorzichtig vraag ik voor wie hij daar eigenlijk rondloopt, voor wie hij z’n bed zo vroeg is uitgekomen. Voor die kleintjes natuurlijk, verzekert hij mij. Precies, de kunst is om je zo weinig mogelijk van die bemoeiallige ouders aan te trekken, opper ik. Of wilde je soms ouders gaan opvoeden? Onmiddellijk ziet hij het hopeloze daarvan in: als je 15/16 bent, heb je daar immers een open oog voor… En als ik hem confronteer met z’n eigen rebelse houding tegen scheidsrechters komt ook hij aan met zijn gevoel voor eerlijkheid. Wat natuurlijk onzin is – het gaat immers niet over eerlijk of niet of om gelijk krijgen of niet. De scheidsrechter neemt gewoon z’n beslissing – of je het er mee eens bent of niet, doet er niet toe – zo is het nu eenmaal geregeld in het voetbal. Of zouden we telkens een referendum moeten houden langs het veld? Het gaat bij storende ouders in feite niet om eerlijkheid, het gaat om rolverwarring. Je komt daar niet als collega-scheidsrechter, maar als supporter van je kind. Je kind dat moet leren genieten van samenspel en, van je best doen en van overwinnen en dat moet leren leven met teleurstellingen. En juist dáár heb je een prachtige (en simpele ) rol in te vervullen: applaudisseren voor alle goede intenties en opvangen bij teleurstelling. Mooier kan niet. En als je dát uit het oog verliest – ga dan zélf eens fluiten… Jan Brinkman is sportverzorger en elke maandag tussen 19.00 en 21.00 uur bij Jonathan. Reageren? Stuur een e-mail naar janbrinkman@hetnet.nl
|